Eigenaardigheden Home Onderwerpen Samenleven Zoek Over ons Contact

Uitwaaierende vriendenkringen

— De magie van sociale netwerken —

dr. Albert Benschop
Universiteit van Amsterdam

Vriendenkringen
Sociale Software
    Van GroupWare naar Sociale Software
    Zelforganisatie van vriendenkringen en gemeenschappen
Sociale netwerken in soorten en maten
    Friendster
    Orkut
    ICQ Universe
    Gespecialiseerde sociale software
    Gepersonaliseerd zoeken
    Show me the money
Privacy te grabbel
    Persoonsgegevens
    Eigendomsrechten
    Pervertering
Verklaring van een rage
Nieuwe kansen voor onderzoekers
Nomadische gedachten
    Van globaal dorp tot globale metropool
    Selectieve associatie
    Neppers met fictieve identiteiten
    Het gewicht van vriendschap
    Zelfpresentatie in profielen
    Signaal van sociale armoede?
    Kritische massa en uitwisselbaarheid
    Convergentie van sociale software
    Sociale netwerken op peer-to-peer basis
Referenties
Verwante teksten
Index Peer-to-peer: Netwerken van onbekende vrienden
Index Zichzelf organiserende netwerken
Index Virtuele gemeenschappen

Vriendenkringen

In het dagelijkse lokale leven ging het bijna altijd zo. Je maakt nieuwe vrienden en vriendinnen in de kringen waarin je regelmatig verkeert. Dat gebeurt meestal in de straat, buurt of dorp waar je woont, op school of op je werk, in de kroeg of bij de supermarkt, op het sportveld of tijdens een feestje. Je koestert je eigen vriendenkring en maakt via je vrienden kennis met nieuwe mensen.

Een vriendenkring is een verbreding van onze persoonlijke horizon. We verrijken onszelf in en door onze vriendschappelijke betrekkingen met anderen. Vitamine R —het geheel van onze vriendschappelijke relaties— is een van de belangrijkste componenten van onze sociale rijkdom. Andere componenten van deze rijkdom zijn onze erotisch-intieme, professioneel-zakelijke, etnisch-culturele en nationale gemeenschapsrelaties.

Soort zoekt soort
Mensen gaan in de lokale wereld vaak relaties aan met mensen die op henzelf lijken: ‘association by similarity’. Zij zoeken hun vrienden, vriendinnen en geliefdes onder mensen van de eigen sociale klasse, de leeftijdsgroeps, met een ogeveer gelijke opleiding en beroepsprestige. Vriendschappen en liefdes overstijgen soms de grenzen tussen de sociale categorieën, maar de centrale zones van iemands sociale netwerk bevatten in het algemeen meer mensen uit dezelfde dan uit andere sociale categorieën [Bunnk 1983:53].
Vriendenkringen zijn per definitie selectieve associaties. Het zijn netwerken van exclusieve sociale bindingen tussen gelijksoortige actoren met onderling wederkerige (insluiting) en naar buitenstaanders discriminerende relaties (uitsluiting). De identiteit van een vriendenkring —wie er bij hoort en wie niet— legt tevens de grens van onze vriendschappelijke betrekkingen vast. Zo ontstaat jouw vriendenkring [In "Netwerken van de toekomst" wordt uitvoeriger ingegaan op mechanismen van sociale sluiting en het ontstaan van selectieve associaties zoals vriendenkringen, buurt- en schoolgemeenschappen].

Friendster, by Emily Flake We koesteren onze vriendenkring en cultiveren het persoonlijk netwerk waarin we verkeren. Het onderhouden van een eigen vriendenkring kost tijd. Wie niet regelmatig ‘investeert’ in zijn vrienden houdt uiteindelijk geen vrienden meer over. Vriendschapsrelaties worden gereproduceerd en gestabiliseerd door min of meer regelmatige lokale contacten en conversaties.

Vrienden zoeken elkaar regelmatig op, ondernemen gezamenlijke activiteiten, en nodigen elkaar uit voor feestjes. Tussen deze fysieke ontmoetingen door communiceren zij met elkaar via brieven, telefoon, sms, chatruimtes of e-mail. De nieuwe communicatievormen die ons via internet ter beschikking staan worden intensief gebruikt om vriendschappen en vriendenkringen te onderhouden en om nieuwe contacten aan te knopen.

Zou het makkelijker worden om in contact met familie en vrienden te blijven nu er speciale software —social software— is ontwikkeld die deze relaties ondersteunen? Wat zijn de mogelijkheden en risico’s van het elektronisch aan elkaar koppelen van onze vriendenkringen? En wat gebeurt er eigenlijk in de vrienden-van-vrienden netwerken die zich over het internet verspreiden?

Index Sociale Software

Van GroupWare, via PeerWare naar Sociale software
Begin van sociale software
De eerste sociale netwerksite, SixDegrees, werd in 1996 gelanceerd. Maar de wortels van sociale netwerken gaan al terug tot de bulletin boards (BBS) in de jaren 80 en 90.
Er wordt al jaren gewerkt aan software waarmee groepsactiviteiten ondersteund kan worden. De bekendste vorm van deze groupware zijn de Yahoo! Groups en de Instant Messaging. Groupware stelt groepen in staat om zichzelf op het internet te formeren en te organiseren. Groupware is een sterk geïntegreerde bundeling van programma’s waarmee enerzijds synchrone en asynchrone communicatie tussen groepsleden worden gefaciliteerd, anderzijds uitwisseling en deling van bestanden binnen de groep wordt ondersteund.

Groupware is primair gericht op het ondersteunen van functionele groepen. Ook de nieuwste generatie van PeerWare —de fusie tussen groupware en p2p— is gericht op functionele samenwerking in teams, organisaties en instellingen. Groupware is dus een project- of organisatiegericht samenwerkingsinstrument. In groupware opereren mensen in groepen die organisatorisch of functioneel gedefinieerd zijn en waarvan de deelnemers afgebakende rollen vervullen. In traditionele groupware komt de groep, de organisatie of het project op de eerste plaats en inviduen op de tweede plaats. Als lid van een Lotus Notes groep krijg je bijvoorbeeld specifieke toegang tot specifieke soorten informatie gebaseerd op de administratieve kaders. Het draait in deze software allemaal om controle. Het individu wordt opgesplitst in een aantal ongeïntegreerde groepspersonages.

Er bestonden al langer programma´s die gebruikt werden om de opbouw en het beheer van sociale relaties en netwerken te ondersteunen. Maar er bestonden nog geen integrale programma´s die zich specialiseerden in het ondersteunen en beheren van virtuele sociale netwerken.

Kolonisatie van het virtuele rijk
"Wij zijn sociale dieren en de netwerk-software schept voor ons een nieuw soort habitat. Sociale software kan gedefinieerd worden als al datgene wat onze feitelijke menselijke interactie ondersteunt terwijl wij het virtuele rijk koloniseren. De categorie bevat bekende dingen zoals groupware en kennismanagement, en strekt zich uit tot het nieuwe soort van krachtige relationele instrumenten die de durfkapitalisten uit hun winterslaap hebben gewekt. Computer-gemedieerde communicatie is het levenssap van sociale software. Wanneer we e-mail, instant messaging, weblogs en wiki’s gebruiken, zijn we potentieel vrij om met iedereen, overal en op elk tijdstip te interacteren" [John Udell in Socialtext].
Sociale software is software die de online interactie tussen mensen mogelijk maakt, virtuele relaties faciliteert, virtuele omgevingen creëert waar mensen samen kunnen werken of virtuele gemeenschappen kunnen vormen. Omdat sociale software een algemeen systeem voor relatiemanagement is, kan het op zeer uiteenlopende manieren worden gebruikt. Medio 2003 werd een nieuwe generatie van sociale software in omloop gebracht waarmee vriendenkringen worden ondersteund en uitgebreid. Het basisidee is simpel: creëer een virtuele omgeving waarin mensen hun persoonlijke netwerken kunnen onderhouden en waarmee eigen vriendenkring gekoppeld kan worden aan de vriendenkringen van anderen. Op deze manier worden mensen aan elkaar verbonden via een netwerk van vertrouwde vrienden. Er ontstaat een online ontmoetingsplek waar mensen kunnen socialiseren, nieuwe bekenden kunnen ontmoeten en andere mensen kunnen vinden die hun belangstelling delen.

Zichzelf organiserende vriendenkringen en gemeenschappen
Nieuwe sociale communicatiepatronen
Lang voordat het web bestond hadden we ervaring met publicatie- of massamedia: van de drukpers tot radio en tv. En voordat we ooit van e-mail hadden gehoord waren we zeer vertrouwd geraakt met persoonlijke media: de brief, de telegraaf, en de telefoon. Maar voor de opkomst van het internet hadden we bijna geen middelen om gelijktijdige conversaties tussen veel mensen te ondersteunen. De sociale instrumenten van het internet hebben een ongekend gebruiksgemak en grote lenigheid. De radicale omwenteling was dat groepen in ruimte en tijd werden ontkoppeld. Voor een conversatie rond een vergadertafel moet iedereen op hetzelfde moment in dezelfde plaats bijeenkomen. Internet biedt tal van nieuwe sociale communicatiepatronen waarmee deze tijd-ruimtelijke beperkingen worden doorbroken: van de mailing list en het discussieforum naar de chatroom, de weblog en instant messaging.
Uitgangspunt en elementaire bouwsteen van sociale netwerken is de persoonlijke vriendenkring. Met sociale software kan de eigen vriendenkring op eenvoudige wijze worden uitbreid met het vriendennetwerk van onze vrienden. In zichzelf expanderende vriendenkringen krijgen elke deelnemer toegang tot de persoonlijke, professionele en soicale informatie in de profielen van alle andere 'vrienden van vrienden'.

Sociale software werkt dus van beneden naar boven: bottom up. Uitgangspunt van netwerkvorming zijn de persoonlijke interacties van individuen. Het gaat niet om controle op deze interacties, maar om zelforganisatie en gezamenlijke ontwikkeling. Mensen opereren met eigen doeleinden in persoonlijke contacten en beïnvloeden elkaar over en weer, maar er is geen eenduidig afgebakend project.

Sociale software ondersteunt niet alleen de conversationele interactie tussen individuen of groepen, maar ook de sociale feedback ('retour informatie') en de sociale netwerken. We kunnen er nieuwe sociale groeperingen mee creëren waaruit nieuwe soorten sociale conventies ontstaan. Hoe die groeperingen er uit zullen gaan zien en welke nieuwe gedragscodes en conventies hieruit ontstaan kan niemand voorspellen. Het aardige van nieuwe technologieën is nu eenmaal dat mensen daarvan zodanig creatief gebruik maken, dat zij er dingen mee gaan doen die hun ontwerpers nooit konden bevroeden. “We make our tools, and then they shape us”, zei Kenneth Boulding. Hij vergat eraan toe te voegen dat wij vervolgens zelf bepalen hoe wij een technologie gebruiken voor onze doeleinden.

Sociale software moet een evenwicht realiseren in de door interactieprocessen gecreëerde spanning tussen individu en groep. Deze spanningsverhouding wordt overbrugd door een simpele constitutie met een aantal regels die de relaties tussen individuen en de groep bepalen. Zo'n constitutie bevat enerzijds bepalingen ten aanzien van het lidmaatschap, anderzijds afdwingbare gemeenschapsnormen die individuele vrijheden beperken. Naast een aantal niet-triviale grenzen van het lidmaatschap (die de grenzen van de groei bepalen), functioneert zo'n constitutie door het stimuleren of vereisen van bepaalde interacties en het ontmoedigen of verbieden van andere. "Sociale software is de politieke wetenschap in uitvoerbare vorm" [Shirky 2003a]. Moderatie is een van de mechanismen die de spanning tussen individuele vrijheid en groepsnorm overbruggen.

De grote uitdaging voor makers van sociale software is om de relationele rijkdom, het sociale kapitaal te vergroten zodat selectieve associaties (vriendenkringen, beroepsgenoten, gelijkgeïnteresseerden en gelijkgestemden) dynamisch kunnen opereren terwijl zij tegelijkertijd hun grenzen uitbreiden zonder hun cohesie, identiteit of doelstelling te verliezen.

Anders dan bij gewone p2p-netwerken worden in de sociale netwerken geen bestanden gedeeld, maar vrienden. 'Mijn vrienden zijn jouw vrienden'. In plaats van op zoek te gaan naar onbekenden, zoals bij contact- of bemiddelingssites geven Friendster en Orkut juist aan wie je vrienden zijn. In het netwerk van vrienden van vrienden leer je nieuwe mensen dus via-via kennen, net zoals in het lokale leven. 'Vind de mensen die je nodig hebt via de mensen die je vertrouwd'.

Index Sociale netwerken in soorten en maten

Friendster: dating via je vrienden
Ervaringen die je kunt delen
In de visie van Jonathan Abrams is Friendster bedoeld om het internet samen met je vrienden te ervaren. Het internet ziet er anders uit als je je sociale netwerk als filter gebruikt. Abrams merkte dat zijn vrienden met elkaar communiceerden via online datingsites. "Ik vond die diensten anoniem en eng," zegt Abrams. "Ik merkte ook dat in het werkelijke leven mijn vrienden liever mensen ontmoeten via hun vrienden. Zo kwam ik op het idee van een website waar je mensen online kunt ontmoeten via je vrienden" [bron].
Friendster was het eerste programma waarmee virtuele netwerken van vrienden op het internet gebouwd konden worden. In de herfst van 2002 werd de beta-versie van het programma gelanceerd. Het werd geschreven door Jonathan Abrams. In korte tijd schreven miljoenen mensen zich bij Friendster in. In januari 2004 waren er al meer dan 5 miljoen geregistreerde gebruikers.

De procedure is eenvoudig. Iedereen kan zich aanmelden en een profiel van zichzelf opstellen met persoonlijke voorkeuren, leeftijd, beroep, woonplaats, foto's en andere gegevens. Dit profiel wordt vervolgens gekoppeld aan het profiel van vrienden die ook lid zijn. Je kunt je vrienden uitnodigen om deel te nemen aan jouw persoonlijke netwerk. Zij ontvangen een bericht met jouw uitnodiging. Wanneer zij zich inschrijven ben je automatisch met hen en hun vrienden verbonden.

Op deze manier ontstaat er een gigantisch netwerk van onderling verbonden persoonlijke netwerken. In steeds uitgebreider kringen kun je nagaan wie de vrienden van je vrienden zijn en of daarbij mensen zijn met wie je een gemeenschappelijke interesse hebt. Met deze 'vrienden van vrienden' kun je vervolgens directe contacten aanknopen.

Friendster was oorspronkelijk bedoeld voor het maken van afspraakjes ('dating'). Het was een soort ontmoetingsplaats ('meet-market') voor mensen die actief op zoek zijn naar een partner. Het basisidee was dat je beter afspaakjes kunt maken met vrienden-van-vrienden dan met volkomenen vreemden. Friendster gaat de concurrentie aan met online dating sites als Match.com. Friendster werd al snel meer dan een contactsite; het programma kan gebruikt worden voor allerlei vormen van min of meer besloten gebruikersgroepen. Friendster is een sociaal netwerk waarmee relaties gelegd kunnen worden tot vier graden van verwijdering.

Orkut
Kopen of maken?
Google wilde Friendster overnemen voor 30 miljoen dollar. Het aanbod werd afgeslagen. Een half jaar later wordt Orkut op gelanceerd. In maart 2004 kondigde Google's CEO Eric Schmidt aan dat Orkut in Google wordt geïntegreerd. In maart 2004 kondigde Google’s CEO Eric Schmidt aan dat Orkut in Google wordt geïntegreerd (bij de lancering) van Orkut werd dit nog ontkend). “Het grote probleem met zoeken vandaag de dag is juist dat je met behulp van zoektechnologie nauwelijks mensen kunt vinden. Orkut zou daarin verandering kunnen brengen. Het zou mensen de gelegenheid kunnen geven om in contact te komen met andere mensen die veel van bepaalde gebieden afweten” [Eric Schmidt].
In januari 2004 werd Orkut gelanceerd. Orkut heeft hechte banden met Google. Het programma werd in bedrijfstijd gemaakt door een medewerker van Google: Orkut Buyukkokten. Orkut vervult dezelfde functies als Friendster. Maar het doet dit aanzienlijk beter en slimmer.

Orkut accepteert alleen mensen die uitgenodigd worden door iemand die al onderdeel van het netwerk is: 'by invitation only'. Iemand kan zich er niet zomaar voor aanmelden. Wanneer je eenmaal geaccepteerd bent, kun je de profielen zien van de persoon die jou heeft uitgenodigd en van zijn of haar vrienden. Je kunt ook profielen en foto's zien van vrienden van hun vrienden, tot meerdere graden.

De contactdienst is van start gegaan met enkele duizenden leden, voornamelijk werknemers van Google. Het Orkut-netwerk breidde zich aanvankelijk zeer snel uit. In april 2004 telde het al meer dan 250.000 leden (waarvan 30% vrouwen, 62% jonger dan 30 jaar). Orkut begon met een primair Amerikaans lidmaatschap maar heeft zich snel geïnternationaliseerd, vooral door de sterke vertegenwoordiging uit Japan, Brazilië, Nederland, Engeland, Canada en Duitsland [Hempell 2004]. De verklaring van het nationale spreidingspatroon laat nog op zich wachten. Intuïtief gezien moet daarbij in ieder geval rekening worden gehouden met drie factore: het absolute aantal internetgebruikers per natie; de noviteit in landen die minder verzadigd zijn door online media (in Noord-Amerika en Europa concurreert Orkut met veel andere manieren om online tijd te besteden), en het interstatelijke culturele verschil in waardering van gemeenschap, familie en socialisatie.

Het principe van 'by invitation only' leidt tot een gecontroleerde groei van het netwerk. Het voorkomt 'sociale prostitutie' [Carl Rohde] waarin iedereen vriendjes is met iedereen. Hierdoor krijgt het Orkut-netwerk een exclusief karakter. Door die 'alleen op uitnoding' opzet is het Orkut netwerk vooralsnog 'erg beschaafd' [Lars Pasveer].

Die beschaving wordt mede in stand gehouden door de 'community standards', dat wil zeggen de gedeelde waarden van de Orkut gemeenschap. Misbruik van het netwerk wordt door een automatisch opsporingssysteem bestreden. Het is in de Orkut-gemeenschappen verboden om een valse identiteit aan te nemen, godslastering te plegen ('profanity') of om lokale wetten te overtreden. Er mag geen haatdragend of beledigend materiaal gebaseerd op ras, etniciteit, nationaliteit, religie, geslacht of seksuele oriëntatie worden verspreid. En tenslotte mag het netwerk niet worden gebruikt voor commerciële doeleinden. Orkut is alleen bedoeld voor persoonlijk gebruik. De meeste van de in de 'community standards' omschreven waarden worden binnen de Orkut gemeenschap gedeeld. Maar dat geldt niet voor het verbod op godslastering. Veel leden zijn van mening dat dit een onnodige en ongewenste restrictie is omdat hierdoor de vrijheid van politieke meningsuiting wordt gecensureerd.

Orkut is een sociaal netwerk dat steunt is op de authenticiteit en geloofwaardigheid van de identiteit. Het kan alleen als 'netwerk van betrouwbare vrienden' fungeren wanneer Orkut-leden daadwerkelijk hun eigen namen en foto's gebruiken. Daarom hebben de beheerders van Orkut een aantal controlemechanismen in werking gezet.

Orkut jail Orkut beschikt over een eigen gevangenis ('jail') waar iemand die het systeem heeft misbruikt voor een bepaalde periode wordt geparkeerd. Tijdens deze periode kan de overtreder op Orkut nog wel bijdragen lezen, maar geen berichten meer plaatsen of versturen. Zondaars worden dus in de 'read-only mode' geplaatst. Het verwarrende is dat er bij Orkut geen officiële melding is van het bestaan van de gevangenis. Je kunt zonder waarschuwing vooraf en zonder opgaaf van redenen in de gevangenis belanden. Wanneer je inlogt op Orkut verschijnt er in plaats van je eigen foto plotseling een schaduwachtig beeld van iemand die in de gevangenis zit. De zondaars worden zonder mededeling, jury of veroordeling van actieve participatie uitgesloten. Meestal worden zij binnen een dag weer 'vrijgelaten'.

Orkut stelt haar leden in staat om zelf politieagentje te spelen. Op elke profielpagina staat een link waarmee men iemand kan aangeven als 'vals'. Door te klikken op 'report as bogus' wordt die persoon tijdelijk in de gevangenis gezet totdat de Orkut beheerder dit profiel heeft geïnspecteerd. De klacht van veel gebruikers is dat de betrokkenen zonder mededeling of kans op wederhoor in de gevangenis kan belanden. Om hieraan tegemoet te komen werd de 'OrkutGuy' in het leven geroepen, een karakter dat direct met gebruikers in gemeenschappen communiceert. Merkwaardig genoeg voldoet het profiel van deze ordehandhaver zelf in geen enkel opzicht aan de gebruiksvoorwaarden en gemeenschapsnormen die Orkut zegt te willen bewaken: de OrkutGuy is immers geen werkelijke persoon en zijn foto is een cartoon.

De eerste Orkut pioniers kregen al snel door dat er achter hun rug om mensen en gemeenschappen werden gedisciplineerd. Zij rebelleerden daartegen en probeerden zelf op speelse wijze zoveel mogelijk macht te verwerven binnen Orkut. Anthony Hempell heeft aan de hand van twee gevallen beschreven hoe Orkut-leden proberen om de spelregels op te rekken, te tarten en te bruskeren. Deze en andere voorbeelden laten zien dat Orkut haar kinderziektes nog lang niet overwonnen heeft en dat er nog veel aan te verbeteren valt. Dat geldt in het bijzonder voor de regels die gelden bij het opbouwen van gemeenschappen en het disciplineren van afwijkend gedrag. Veel gebruikers dringen aan op een meer gedifferentieerd sanctiesysteem dat rekening houdt met de aard en zwaarte van de norm of regelschendingen. Het van bovenaf opleggen van spelregels en gemeenschapsnormen en het zonder vorm van proces of wederhoor uitsluiten van leden roept alleen maar meer afwijkend en ondermijnend gedrag op bij mensen die proberen zich tegen deze controles verzetten. Deze rebellies heeft er uiteindelijk voor gezorgd dat er nu een logisch, consistent en professioneel beleid wordt gevoerd om gebruikers die zich misdragen te disciplineren. De overtreding wordt verklaard, er worden waarschuwingen gezonden, en gronden gegeven om een gebruiker zijn rechten te ontnemen.

Het meest frusterende of boeiende aspecten van het Orkut netwerk is dat het zo heterogeen is. Er zit voldoende romantisch / flirterig / netsletterig / mallotig materiaal in om serieuze zakelijke netwerkers potentieel af te stoten, maar dat is gelukkig veel minder dan bij andere diensten van vriendennetwerken. Orkut probeert in ieder geval om de rommel in het park op te ruimen. Anders zou de verhouding tussen signaal en ruis wel erg in het voordeel van de ruis (spam, fraude, disciminatie, onzin) uitvallen.

ICQ Universe
Inner Circle
Ook Microsoft werpt zich op de vriendensoftware. Zij wil internetters ondersteunen met software die meer mogelijkheden biedt voor contact met belangrijke sociale relaties. In communicatie via normale e-mail dreigen die nauwe contacten onder te sneeuwen in de steeds stroperige berichtenstroom. Inner Circle onderhoud en actualiseert automatisch een lijst van ongeveer 20 personen met wie men via e-mail of instant messaging de meeste berichten uitwisseld. Het programma gaat onderdeel gaan uitmaken van de opvolger van Windows (Longhorn) [Bron: Cnet].
  Lili Cheng, groepsmanager van de social-computing groep binnen Microsoft Research ziet Inner Circle niet zozeer als een doorbraak in computerwetenschap is, maar als "een oefening in culturele antropologie."
ICQ Universe is de sociale netwerkdienst van AOL die internetgebruikers over de hele wereld in staat stelt om contact te leggen met vrienden, familieleden en collega's. ICQ Universe geeft een overzicht van al je verbindingen, inclusief de paden van de relaties tussen jou en andere mensen in de ICQ gemeenschap. Ook het lidmaatschap in ICQ Universe is alleen op uitnodiging. Gastgebruikers die lid willen worden van ICQ Universe kunnen zich registreren in de 'virtuele lobby'. Daar kunnen zij bladeren in de profielen van de leden en een verzoek doen om uitgenodigd te worden voor het lidmaatschap van ICQ Universe. In de virtuele lobby kunnen gastgebruikers met andere gastgebruikers discussiëren en met gevestigde leden, en kunnen zij vrijwillige ronselaars ('recruters') vinden die hen uitnodiggen om lid te worden van ICQ Universe. Eenmaal uitgenodigd om lid te worden van ICQ Universe kunnen nieuwe leden hun eigen deel van het universum creëren, nieuwe leden uitnodigen en nieuwe vrienden rekruteren.

ICQ Universe is geïntegreerd met AOL's Instant Messaging. "ICQ Universe helpt mensen niet alleen om contact te leggen, maar om direct te communiceren — vrienden maken, ideeën delen en informatie uitwisselen in real-time" [Gorey Gilliam, General Manager of ICQ]. ICQ Universe is de enige sociale netwerkdienst op het web dat gebouwd is op een gevestigde Instant Messaging-voorziening.

Gespecialiseerde sociale software
Sociale netwerk sites zijn gemeenschapssites waar gebruikers een online netwerk van vrienden of bekenden kunnen onderhouden voor sociale of zakelijke doeleinden. Er komen steeds meer programma's die zich specialiseren op sociale netwerken voor dating, banen, klasgenoten, collega's, zakenpartners, dienstmakkers, en lijsten met diverse onderwerpen. Elk van deze sites zijn waardevol in hun eigen domein.

Type Netwerk Programma
Dating Friendster, ItClicks.nl, CU2
Banen Ryze, LinkedIn
Klasgenoten ClassMates, Schoolbank.nl, Les Copains d'avant
Collega's Workmates.nl
Zakelijke contacten Tickle, ecademy
Dienstmakkers Dienstmakkers.nl
Organisaties Socialtext
Lokale bijeenkomsten MeetUp, Evite
Diverse onderwerpen Tribe.net

Het is niet moeilijk te voorspellen dat er binnenkort ook sociale software wordt gelanceerd voor straat- buurt-, wijk-, stads- en dorpsgenoten, voor reisgenoten, voor vakantiegenoten en voor etnische gemeenschappen en geloofsgenoten.

Andere sociale software
    Andere programma's voor het bouwen van sociale netwerken zijn:
  • LinkedIn
    LinkedIn helpt professionals zich effectiever met elkaar te verbinden. "LinkedIn lets you reach recommended employees, hiring managers and business partners through referrals from people you already know and trust". Het is een baan-netwerk. Het registratieformulier van LindedIn lijkt meer op een curriculum vitae dan een sociale applicatie. Er wordt informatie gevraagd over huidige en meest recente werkkring, werkervaringen en opleiding. Je kunt lid worden van LinkedIn via uitnodiging of door zelf een eigen netwerk te beginnen. Via LinkedIn kunnen werkgevers en potentiële werknemers verbinding met elkaar maken.
  • LinkYourFriend
    Brits sociaal netwerk dat mensen aan elkaar verbindt via vertrouwde vrienden.
  • Ican
    Een door de BBC gelanceerd sociaal netwerk voor mensen die betrokken zijn bij hun eigen omgeving.
  • Hyves.nl
    Een typisch Nederlands sociaal netwerk. Er zijn meerdere netwerken die zich richten op de nationale internetgebruikers. Hyves ondersteunt communicatie via MSN en mobiele berichten als er kennissen uit je net in de buurt zijn. Hyves is gratis en biedt de mogelijkheid om video's te uploaden, bewaren en delen. Begin februari 2006 was de opslagcapaciteit voor foto's en video's zo'n 16 terrabyte (de totale omvang van het Amerikaanse Amerikaanse Library of Congress is 10 terrabyte). Hyves werd in Nederland vooral bekend omdat landelijke politici zoals Wouter Bos (PvdA) zich voor de gemeenteraadsverkiezingen in 2006 op dit netwerk begonnen te opereren. Hyves kon in korte tijd op grote belangstelling van jongeren rekenen: het werd op 1 oktober 2004 gelanceerd en had medio februari 2006 al meer dan 1,5 miljoen leden, waarvan de helft in Nederland. Hyves was zo succesvol, dat Schoolbank dreigde met een juridisch proces.
  • MeetUp
    MeetUp kreeg veel aandacht omdat dit netwerk werd gebruikt door de democraten in de voorrondes van de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2004. Het web-gebaseerde MeetUp faciliteert lokale sociale netwerken. Het netwerk wordt gevormd door iets meer dan miljoen leden. Leden kunnen zoeken naar een onderwerp dat hen interesseert en vervolgens kijken of er een bijeenkomst over dit thema is in hun eigen geografische omgeving. De meet-ups zijn zeer divers: borduren, Harry Potter en Howard Dean aanhangers. Een andere gemeenschapssite met planning instrumenten voor publieke en particuliere bijeenkomsten is Evite.
  • Plaxo
    Plaxo is opgericht door Sean Parker, een medeoprichter van Napster. Na zeven maanden telde het Plaxo-netwerk al meer dan een miljoen geregistreerde gebruikers. Veel internetters wantrouwen Plaxo omdat zij bang zijn dat hun persoonsgegevens worden misbruikt voor spam en marketing. Plaxo verdient haar geld door de verkoop van 'premium versions' voor zakelijke gebruikers.
  • Ryze
    Een business networking site waar men geen uitnodiging nodig heeft om lid te worden. De persoonlijke pagina van de leden toont informatie over kwalificaties en aspiraties. Wees voorzichtig met wat je vraagt. De persoonlijke boodschappen en uitnodigingen van andere Ryze gebruikers komen vooral van verkopers die je iets willen aansmeren.
  • Tickle
    Ook Tickle is een site voor 'zakelijke netwerken'. Vroeger was dit programma bekend als eMode. Tickle biedt voorzieningen voor netwerken, matchmaking, groepen en testresultaten. Delen van Tickle zijn gratis, voor andere onderdelen worden contributies gevraagd. Met meer dan 18 miljoen leden is Tickle een sociale netwerkkracht waarmee rekening gehouden moet worden.
  • Tribe
    Bij Tribe vind je hele lijsten van onderwerpen en stammen ('tribes') waar je je bij aan kunt sluiten. Tribe combineert twee internet-trends: RSS en social network. In de RSS-feed van Tribe kun je precies zien waarover op het netwerk wordt gediscussieerd. Als je lid van een forum bent dan kun je zien wat er zich afspeelt zonder dat je er de site voor op hoeft. Bij Tribe kun je hele discussies volgen en worden foto’s in de RSS-reader geplaatst van mensen die aan de discussies deelnemen.
  • ClassMates
    Het Amerikaanse Classmates verenigt oude klasgenoten. In Amerika wist het bedrijf in 2004 al 38 miljoen mensen aan zich te binden. Het Amerikaanse Classmates.com is een agressieve speler op de Europese markt van sociale software. Het nam eerst het Zweedse bedrijf Klasstraffen over ("Stayfriends.se"), en daarna het Duitse "Stayfriends.de". Van een overname in Engeland werd afgezien omdat de tegenhanger van Classmates daar al te groot is. De franse site voor voormalige klasgenoten, Les Copains d'avant blijft met meer dan miljoen leden eveneens zelfstandig. En ook het Nederlandse Schoolbank.nl blijft nog buiten schot. Schoolbank.nl heeft inmiddels 1,4 miljoen geregistreerde gebruikers en blijft groeien. Rosetta is het Amsterdamse bedrijf dat schuilgaat achter Schoolbank.nl. Van hetzelfde bedrijf zijn de gespecialiseerde sites Dienstmakkers.nl (met 70.000 geregistreerde gebruikers) en het meest recente Workmates.nl). Bijna alles op deze sites is gratis, behalve het per email in contact treden met voormalige klasgenoten, dienstmakkers of collegas. De daaraan verbonden kosten zijn 10 euro. Het is een eenmalige bijdrage (contributie) waarna men zoveel contacten kan leggen als men wil.
  • Food and Friends
    Laat je nieuwe mensen ontmoeten in Amsterdamse (binnenkort Nederlandse) restaurants. De leuze: "Nieuw in de buurt? Uw eigen persoonlijke netwerk uitgeput? Zin in een verrassende avond?". De 'blind-eet' site richt zich vooral op het op peil houden en uitbreiden van zakelijke relatienetwerken. Via Food and Friends kun je in aanraking komen met mensen uit dezelfde branche of met mensen die één of meer overeenkomstige interesses hebben. F&F werkt samen met het Parool. Via de rubrieken Eten en Drinken & Theater kun je direct doorklikken naar F&F. Het bedrijfsmodel van F&F is eenvoudig: er wordt samengewerkt met restaurants die extra klanten krijgen in ruil voor een klein bedrag van de factuur. Voor kleinere gezelschappen en voor lunches ontvangt F&F drie euro van de factuur. Bij grotere gezelschappen en zakendiners is dat 10 euro [bron].
  • CouchSurfing
    Een sociaal netwerk waarbij je op de bank van andere leden beland. Zij zijn gastvrij en bieden je een bepaalde vorm van onderdak. De ontvangst kan zo kort als een kopje koffie zijn, een nacht of twee, of zelfs een paar maanden of meer. Wie zijn bank aanbiedt heeft volledige controle over wie hem of haar bezoekt. De meest gestelde vraag is of dit veilig is. Nieuwe leden krijgen alleen een bewijs van goed gedrag wanneer andere —reeds beproefde— leden voor hen instaan. Iedere gebruiker is met de andere gebruikers die hij of zij in het systeem kent verbonden door een netwerk van referenties en vriendenlinks. Daarnaast is er een eigen verificatiesysteem voor namen en lokaties.

Gepersonaliseerd zoeken: Eurekster
Eurekster is een sociaal netwerk dat zoekresultaten verfijnd. Gepersonaliseerd sociaal zoeken is al langer een belofte. Die belofte werd niet ingelost Google of Yahoo, maar door het veel kleinere Eurekster dat in januari 2004 werd gelanceerd. Het concept van gepersonaliseerd zoeken is niet nieuw. Wanneer een zoekmachine iets over jou weet, kan deze de resultaten verfijnen om ze relevanter te maken. Een kind dat naar muziek zoekt krijgt andere resultaten dan een volwassen burger; een man die naar boeken zoekt krijgt andere resultaten dan een vrouw die hetzelfde doet.

Sociaal netwerken tegen spam
Sociale netwerken kunnen ook gebruikt worden in de strijd tegen spam. In deze strijd wordt steeds meer gebruik gemaakt van 'witte lijsten'. De witte lijsten bevatten email adressen waarvan je bereid bent om email te ontvangen. Op zichzelf is deze techniek erg effectief om spam te voorkomen. Maar het nadeel is dat je permanent je witte lijst moet updaten en dat je nooit email kunt onvangen van mensen die je niet kent. De techniek van de witte lijsten zou daarom uitgebreid kunnen worden zodat zij ook de witte lijsten van de mensen op je witte lijst omvatten. Hierdoor kan een gebruiker wel email ontvangen van vrienden-van-vrienden (en afhankelijk van de eigen voorkeur ook van vrienden-van-vrienden-van-vrienden. "Deze techniek is gebaseerd op het vertrouwen dat inherent is aan sociale netwerken. Zolang mijn contacten geen vrienden zijn met bekende spammers, is het waarschijnlijk veilig om ook van hen email te ontvangen. Het systeem zou complexer gemaakt kunnen worden door aan het mengsel reputatie- of vertrouwensscores toe te voegen. Emailberichten zouden gewardeerd kunnen worden al naar gelang het sociale-netwerkpad dat jou met de afzender verbindt. Deze benadering zou je in staat stellen om alle berichten te ontvangen, maar waarbij elk bericht gewaardeerd wordt op basis van je verbinding met de afzender" [Gunnar Langemark].
Het bijzonder van Eurekster is dat zij gepersonaliseerde resultaten niet baseert op wie je bent, maar wie je kent — geen persoonskenmerken, maar relationele kenmerken. Vrienden, collega's en alle anderen in je Eurekster-netwerk beïnvloeden het type resultaten dat je te zien krijgt. Ook in het dagelijke leven filteren we de informatie via de mond-op-mond methode. Eurekster versterkt dit alledaagse proces om zoekresultaten te bieden die relevant zijn voor de gebruikers en hun vrienden en contacten [SearchDay].

Het gebruik van relationele kenmerken heeft een enorme potentie. Stel je voor dat Eurekster gebruikt wordt door alle werknemers van een medisch onderzoeksbedrijf, waar veel mensen vergelijkbaar medische vragen bezig zijn. Met Eurekster kunnen alle onderzoekers aan elkaar worden verbonden en profiteren van de zoekacties en selecties van hun collega's.

Ook bibliotheken zouden van dit concept kunnen profiteren. Bibliotecarissen worden constant gevraagd om steun te bieden bij het vinden van bepaalde documenten. Via Eurekster zouden bibliothecarissen in staat zijn om onzichtbaar met elkaar samen te werken en te delen wat bij zoekopdrachten als beste resultaten hebben gevonden.

Show me the money
Delven in sociale netwerken
Sociale netwerken zijn een krachtig instrument voor adverteerders. Enerzijds bevatten sociale netwerken veel informatie die voor commerciële doeleinden gedolven kunnen worden ('mining social networks'). Anderzijds kunnen adverteerders leren hoe zij potentiële consumentennetwerken kunnen organiseren en hoe zij hun producten gepersonaliseerd ('op maat') kunnen aanbieden. Maar het omgekeerde is ook mogelijk: sociale netwerken kunnen worden gebruikt om zoveel mogelijk potentiële consumenten bijeen te brengen die hun geaggregeerde vraag gebruiken om kwantumkortingen af te dwingen bij bedrijven. Voor deze strategie van aggregatie van de (koopkrachtige) vraag werden al eerder de flitsmeutes gebruikt.
Sociale software is 'hot' en wordt een grote toekomst voorspeld. De vraag is of er ook geld mee verdiend kan worden. Sommige durfkapitalisten denken van wel en investeerden miljoenen dollars in Friendster, LinkedIn en Tribe. Het durfkapitaal investeert in sociale software omdat zij dit beschouwen als de volgende generatie van e-commercie waaraan —als het goed wordt aangepakt— winstkansen verbonden zijn. Sociale netwerken worden gezien als een massamarkt voor mensen die producten of diensten willen kopen, die vrienden of intimi willen vinden, of die een nieuwe baan willen vinden. Vooral op lokaal niveau kunnen sociale netwerken lucratief zijn voor adverteerders.

Critici hebben zo hun twijfels over de bedrijfsmodellen van de producenten van sociale netwerken [bron]. Sommigen sociale netwerken opereren met (rubrieks)advertenties, anderen met abonnementen, en weer anderen met combinaties van beide. Sommige analisten geloven dat sociale software-bedrijven pas een kans maken als ze onderdeel gaan uitmaken van een groter geheel, zoals Yahoo! of Google.

Index Privacy te grabbel

Persoonsgegevens
Spionage
Wie wil weten wat de vriendjes zijn de maker van Orkut kan dit met een klik te weten komen. Je krijgt een lijst met alle vriendjes en vriendjes-van-vriendjes van Orkut Byyukkokten en een geografische weergave van de 1ste en 2de graadsverbindingen geprojecteerd op de Amerikaanse landkaart (voor Orkut-leden buiten Amerika werkt deze 'Geomapper' niet). Door te kijken naar patronen in emailverkeer, kunnen online gemeenschappen en de sleutelfiguren daarbinnen worden geïdentificeerd.
Sociale netwerken fungeren bij de gratie van de profielen die mensen van zichzelf opstellen. De vooronderstelling is dat gebruikers hun authentieke identiteit zullen opvoeren in hun profiel zodat zij meer betekenisvolle contacten zullen opdoen. Naast deze door de deelnemers zelf verstrekte persoonsgegevens zijn sociale netwerksites een onuitputtelijke bron van persoonlijke en vaak intieme informatie die alleen via vertrouwde relaties worden doorgegeven. Wat gebeurt er met al die informatie? Waar wordt die informatie opgeslagen? Wie heeft toegang tot al die persoonlijke informatie? Zijn er garanties dat onze persoonsgegevens niet te grabbel worden gegooid?

De meeste online sociale netwerken bestaan bij de gratie van databanken die op centrale servers zijn opgeslagen (gedecentraliseerde peer-to-peer netwerken vormen hierop een uitzondering). Alle persoonlijke profielen van alle deelnemers worden in een groot bestand opgeslagen. Daarin staan alle persoonlijke gegevens: wie je vrienden zijn, of je rookt, wat je favoriete films en muzikanten zijn en welke seksuele en politieke voorkeuren je hebt. Daarom is het van belang het privacybeleid kritisch onder de loep te nemen.

In de meeste netwerksites wordt nogal slordig omgesprongen met persoonsgegevens en wordt de privacy van de deelnemers niet of nauwelijks beschermd. De gebrekkige privacy voorwaarden zetten de deur open voor oneigenlijk gebruik en misbruik van persoonsgegevens. Adverteerders en marktonderzoekers —maar ook stalkers en criminelen— die de hand weten leggen op die persoonsgegevens wanen zich in een walhalla.

Orkut spot met alle privacy regels op het net en daarbuiten. Zij belooft haar gebruikers weliswaar dat zij zonder nadrukkelijke toestemming nooit je persoonlijke informatie aan derden zullen verhuren of verkopen, maar behoudt zich wel het recht voor om persoonsgegevens voor eigen doeleinden te gebruiken. In haar privacybeleid meldt Orkut:

De inhoud van elk bericht dat via Orkut wordt verstuurd wordt dus bewaard. Een provider die dit in zijn hoofd zou halen, zou door de verdedigers van digitale burgerrechten onmiddellijk aan de schandpaal worden genageld. Karin Spaink sloeg de spijker op de kop:

Niet alleen de verkeersgegevens , maar ook de inhoud van de mails worden bij Orkut ongetermineerd bewaard. Dat gebeurt weliswaar op beveiligde servers, maar toch zijn deze gegevens opvraagbaar door bevoegde autoriteiten.

Eigendomsrechten
Het beleid van Orkut heeft nog meer dubieuze kanten. In haar 'terms of service' zet Orkut een opmerkelijke visie op het auteursrecht uiteen:

Dit betekent dat Orkut zich zonder omhaal het volledig recht toeëigent op elke creatieve uiting die via haar netwerk wordt verstuurd. Orkut claimt rechten op alles: wetenschappelijke of culturele teksten, foto's van je geliefde of dochter, verhalen die je hebt verteld, een filmscript, een zakelijk plan, een computerprogramma, vacantiefilmpjes enzovoort. "Ze dichten zichzelf het recht toe om wereldwijd, zonder royalties, onherroepbaar en voor de eeuwigheid daaruit te mogen kopiëren, distribueren en te mogen uitbaten wat je schrijft of bedenkt" [Spaink 2004]. Wie echt iets waardevols te melden kan dus beter gebruik maken van andere diensten met voorwaarden die geen inbreuk maken op digitale burger- en eigendomsrechten.

De protesten tegen het privacy beleid van Orkut dringen slechts langzaam door. Enerzijds wordt benadrukt dat het mogelijk is om zelf te controleren wie jouw persoonlijke informatie te zien krijgt. Een van de instrumenten om de toegang tot je profiel en andere persoonlijke informatie te beperken is de 'golden key'. Daarmee kun je de toegang tot bepaalde informatie beperken tot jezelf, je vrienden, of je vrienden van vrienden. Anderzijds wordt met grote nadruk gezegd dat Orkut onze privacy volledig respecteert. "Orkut.com does not claim any ownership right in the profile or other information that you submit" [FAQ]. Dat is niet erg geloofwaardig zolang er in de 'Terms of Service' blijft staat dat Orkut zich het onvervreemdbaar recht toeëgent op al het materiaal dat in het netwerk wordt geplaatst.

Pervertering
Bij sociale netwerken komen zeer veel persoonlijke gegevens op de internetstraat te liggen. Dit brengt nieuwe risico's met zich mee. De geschiedenis van het internet heeft laten zien dat daar waar misbruik van een nieuwe technologie gemaakt kan worden, dit ook binnen de kortste keren gebeurt. De pervertering van het e-mail verkeer (spam, virussen), van het chatten (pedofielen die op jonge kinderen jagen) en van de flitsmeutes (commercieel misbruik) zijn hiervan de meest besproken voorbeelden. De verwachting is dit ook snel zal gebeuren met deze nieuwe generatie van netwerk-technologie.

Sommige gebruikers proberen hun sociale netwerk te kapitaliseren. Zij verhandelen via eBay hun connecties. Zo kan men zich inkopen in bestaande Orkut-netwerkkringen. Ook voor spammers zijn deze open netwerken een bron van inspiratie. Niet in de laatste plaats omdat mensen zich met hun hele hebben en houen (interesses, hobbies etc.) op het netwerk presenteren. Vrouwen adverteren hun porno-sites door potentiele clientèle aan te trekken. Anderen creëerden een netwerk van Fraudster Profiles om drugs te verhandelen.

Index Verklaring van een rage

Waarom mensen behoefte hebben aan sociale software
Via internet zijn honderden miljoenen mensen met elkaar verbonden die allerlei soorten synchrone en asynchrone communicatie gebruiken om groepen te vormen. Elke week melden zich tienduizenden internetters aan bij persoonlijke en zakelijke netwerksystemen. Zij doen dat omdat deze systemen de sleutelelementen van sociale software bieden: conversationele interactie, sociale feedback leidend tot digitale reputatie en expliciete representatie van e-vrienden (of 'equaintances'). Sociaal netwerken is ongemeen populair. In het begin van 2004 waren er al meer dan 100 sociale netwerksites. Wat verklaart de gretigheid waarmee mensen zelf hun sociale netwerken blootleggen? Welke behoeften of belangen liggen daaraan ten grondslag?

De platforms voor sociaal netwerken bevredigen een fundamenteel menselijk verlangen om vrienden te leren kennen en met geestverwanten te communiceren. Sociale software komt tegemoet aan (i) de behoefte om het persoonlijke netwerk van vrienden en bekenden ook online te cultiveren, (ii) om de sociaal-emotionele en pragmatische of utilitaire voordelen van persoonlijke contacten optimaal te benutten, en (iii) om het persoonlijke netwerk uit te breiden met 'zwakke verbindingen' .

Zwakke verbindingen benutten
Persoonlijke vriendenkringen zijn belangrijk en bestaan meestal uit een beperkt aantal 'sterke verbindingen': boezemvrienden en hechte familiebanden. Hoewel deze persoonlijke netwerken door sterke verbindingen worden bijeengehouden, ligt daarin ook hun zwakte. De informatie en diensten die men aan zo'n sterk netwerk kan ontlenen overlappen elkaar in sterk mate. In hechte vriendengroepen beschikken de afzonderlijke deelnemers vaak over dezelfde informatie (redundantie). De kracht van zwakke verbindingen is dat zij nieuwe informatie bieden (en wederzijdse diensten) juist omdat zij zich buiten de sterke verbindingen bevinden. Zwakke verbindingen zijn bijvoorbeeld van cruciaal belang voor het krijgen van tijdige en goede informatie over vacatures.

Voor het vinden van geschikte intieme partners geldt hetzelfde. Door het aan elkaar knopen van persoonlijke vriendenkringen wordt niet alleen de 'markt voor liefde en geluk' aanzienlijk opgerekt, maar krijgt men bovendien aanvullende informatie over de persoon waarop men het oog heeft laten vallen ('intelligent dating').

De kracht van zwakke verbindingen
In 1973 schreef Mark Granovetter een beroemd geworden opstel: “The Strength of Weak Ties”. Daarin laat hij zien dat in een sociaal netwerk zwakke verbindingen vaak belangrijker zijn dan sterke verbindingen. Zijn argument is gebaseerd op de aanname dat sterke verbindingen geneigd zijn om gelijksoortige mensen aan elkaar te verbinden, en dat deze gelijksoortige mensen geneigd zijn zich samen te klusteren zodat zij allemaal met elkaar verbonden zijn. De informatie die door zo'n netwerk verkregen wordt is meestal redundant, en het netwerk van sterke verbindingen is daarom geen kanaal voor innovatie. Een zwakke verbinding is daarentegen vaak een ‘lokale brug’ naar delen van het sociale systeem die anders los van elkaar blijven staat. Een zwakke verbinding biedt daarom meestal nieuwe informatie van ongelijksoortige delen van het systeem. Dit betekent overigens niet dat sterke verbindingen geen belangrijke rol spelen. "Zwakke verbindingen bieden mensen toegang tot informatie en bronnen die in hun eigen sociale kringen beschikbaar niet zijn; maar sterke verbindingen zijn meer gemotiveerd om hulp te bieden en zijn in de regel gemakkelijker beschikbaar" [Granovetter 1982:113]. Bovendien zijn sterke verbindingen meestal nuttiger voor mensen die in een onzekere positie verkeren.
    Het is niet zo eenduidig wat bepalend is voor een sterke connectie en wat voor een zwakke connectie. De kracht van een connectie is een combinatie van de goeveelheid tijd, de emotionele intensiteit, de intimiteit (wederzijds vertrouwen) en de reciproke diensten die de connectie kenmerken [Granovetter 1973: 1481]. In de praktijk wordt de verbindingskracht op andere manier gemeten: frequentie, recentheid van contact en 'reciprocated nominations'.

Eenvoud, expansie en diversiteit
De 'rage' van het sociaal netwerken wordt mede aangeblazen door het enorme gemak waarmee de eigen vriendenkring online kan onderhouden en waarmee deze —via zich uitbreidende concentrische cirkels— aan andere persoonlijke netwerken gekoppeld kan worden. Cruciaal voor het succes van de sociale software is dat mensen enerzijds hun persoonlijke netwerk van vrienden en bekenden ook virtueel willen cultiveren, en anderzijds op zoek zijn naar nieuwe contacten. Dat kunnen contacten zijn in de affectief-intieme of sociaal-gezellige sfeer, maar ook in de zakelijk-nuttige sfeer (uitwisseling van informatie en diensten met betrekking tot hobbies, werk, of technische problemen).

Speelgoed voor voorlopers
De gretigheid waarmee velen zich gestort hebben op sociale software is tenslotte mede te verklaren uit 'de kracht van het nieuwe'. Veel internetters zijn gek op noviteiten en proberen deze zo snel mogelijk uit. Meestal verandert zo'n tijdelijke passie na een aantal maanden in een meer functioneel gebruik (bij enkelen kan het omslaan in een duurzame obsessie). Je kunt het vergelijken met het gedrag van een kind dat een nieuw stuk speelgoed krijgt. Dat nieuwe speeltje is een aantal dagen of weken zeer geliefd, juist omdat het nieuw is. Daarna krijgt het speeltje zijn eigen plaats in het hele repertoire aan speeltjes.

Motieven om te Orkutten
Waarom maken mensen gebruik van Orkut? Netkwesties interviewde een aantal Orkuters van het eerste uur [bron]. Veel deelnemers werden in eerste instantie naar Orkut getrokken omdat het iets 'nieuws' was. Zij waren nieuwsgierig naar de mogelijkheden van deze nieuwe technologie. Als positieve ervaring wordt genoemd het terugvinden van mensen met wie je het contact verloren hebt. "Ik heb al meerdere mensen teruggevonden met wie het contact verloren was gegaan" [Rop Gonggrijp]; "oude kennissen terug" [Iljitsch van Beijnum]; "contact met vrienden en kennissen die ik misschien een beetje had verwaarloosd" [Eric van den Muijzenberg]. Als tweede motief wordt het uitbreiden van de kenniskring genoemd: "Contacten gemaakt met mensen die niet tot de close vriendenkring behoren, maar wel tot internetkennissen" [Corrie Gerritsma]. En juist daardoor komt men er achter "hoe relatief klein het Nederlandse internetwereldje is" [Martijn de Waal].

Index Nieuwe kansen voor onderzoekers

Internet biedt onderzoekers nieuwe kansen om de sociale interactie van deelnemers aan virtuele gemeenschappen te observeren en hun eigen beleving van deze interacties te registreren. We wisten al dat de traditionele massacommunicatie wordt gemedieerd door sociale interactie. Toch was het altijd moeilijk en soms onmogelijk om empirisch toegang te krijgen tot de particuliere gemeenschappen waarin deze communicatie zich voltrekt. Traditionele analyse van sociale netwerken steunde op enquêtes en interviews. Internet biedt toegang tot publieke en open kanalen van sociale interactie. Het geeft onderzoekers nieuwe mogelijkheden om het samenspel van interpersoonlijke en massa-communicatie te onderzoeken. Het internet heeft de transactiekosten voor het uitvoeren van dynamische analyses van de actuele toestand van een netwerk snel doen dalen.

Small spider De participatie in een online gemeenschap of virtueel netwerk is van elektronische aard. Hierdoor zijn we in staat om menselijk gedrag en interacties zeer nauwkeurig en op een tot nu toe ongekende schaal te bestuderen. De traditionele methoden om informatie te verzamelen over sociale netwerken waren tijdrovend en duur. Netwerkonderzoekers moeten uitgebreide enquëtes opstellen en deze schriftelijk, telefonisch of mondeling voorleggen aan een selectie van de netwerkgebruikers. Dit beperkte niet alleen de omvang van de datareeksen, maar vereiste ook extra tijd en inspanning van de kant van de geïnterviewden. In virtuele netwerken en gemeenschappen wordt alle informatie per definitie digitaal doorgegeven en kan daarom relatief gemakkelijk en zonder al te hoge kosten worden worden geobserveerd, geregisteerd en geordend. Informatie over online gemeenschappen is dus veeleer een neveneffect van het feit dat daarin alle acties en interacties van gebruikers per definitie een digitale vorm aannemen. Ook in dit opzicht is het internet een zegening voor sociologen en antropologen die sociale netwerken bestuderen.

Hoewel Orkut technisch gesproken een particuliere gemeenschap is, is het toch ook een gemeenschap die (bijna) iedereen kan kennen. Publieke plaatsen of openbare ruimtes zijn erkende gelegenheden voor onderzoek. Orkut is een zee van gegevens. De datawhorehouse map is een duidelijke schending van de privacy-vereisten die voor onderzoekers bindend zijn. Met deze kaart kon je alle Amerikaanse Orkut-leden die in je postcodebereik liggen met naam en adres identificeren. Na een formeel protest van Orkut heeft de maker van de 'Personal Network GeoMapper' deze functie buiten werking gesteld. Volgens het Orkut-team is het verspreiden van persoonlijke informatie van orkut-gebruikers in strijd met het principe van de 'trusted community': leden moeten de privacy van anderen respecteren.

'De kleine wereld': clustering en korte paden
Een goede illustratie van de nieuwe mogelijkheden om netwerken op het internet nauwkeurig in kaart te brengen is de studie over Club Nexus, een online gemeenschap op de Stanford Universiteit [Adamic/Buyukkokten/Adar 2003]. Deze studie richtte zich op het 'small world' effect waarbij de afstand tussen twee gebruikers gemeten wordt in het aantal sprongetjes ('hops') langs het sociale netwerk. Individuen zijn geneigd om in kleinere kliekjes te socialiseren (vaak bepaald door factoren als schooljaar, afdeling etc). Aanwezigheid van kliekjes kan wordt gemeten door de hoeveelheid clustering, ook wel ‘transitivity´ [Newman 2001] genoemd. De clustering coefficiënt laat zien hoeveel van de gebruikers vrienden-van-vrienden zelf ook vrienden van de gebruiker zijn. Watts en Strogatz [1998] hebben een oplossing gevonden voor het schijnbare conflict tussen clustering en korte paden. In een eenvoudig model van sociale netwerken hebben zij laten zien dat zolang er een klein aantal willekeurige verbindingen bestaan tussen sociale kliekjes, sociale netwerken zowel een hoge clustering als kleine gemiddelde kortste paden kan vertonen.
De netwerken die met Orkut en Friendster worden gecreëerd bieden een uniek inzicht in de werkingswijze van het 'friends-of-friends' [Boissevain 1974] principe. Een voorbeeld daarvan is het ethnografisch onderzoek onder Friendster-gebruikers door Danah Boyd. Niet alleen de omvang van het netwerk en frequenties van de contacten kunnen worden onderzocht (en dus ook mate van verdichting, clustering, centrale knooppunten, spreiding etc.), maar ook de inhoud van de contacten. Voor netwerkonderzoekers bieden online vriendenkringen zoals Orkut en Friendster dus toegang tot een ongekende hoeveelheid nauwkeurige data (en voor niets). Voor onderzoekers van de 'kleine wereld' ('six degrees of separation') is dit een ongekende zegening.

Wanneer dergelijke gegevens beschikbaar zijn, mogen ze worden gebruikt voor wetenschappelijk onderzoek. Daarbij zijn wetenschappers uiteraard gebonden aan de 'erecode' dat zij zeer voorzichtig moeten zijn met persoonsgegevens. In wetenschappelijke publicaties was het altijd goed gebruik om gevoelige persoonsinformatie te anonimiseren. Wie de hoon van zijn collega's niet over zich uitgestort wil hebben doet er dus verstandig aan ook dit soort online persoonsgegevens te anonimiseren.

Index Nomadische gedachten

Van globaal dorp naar globale metropool
Eerdere generaties van sociale software —mailing lists, MUDs, discussiefora— werden gemaakt tot de netwerkpopulatie nog gemeten werd in tienduizenden in plaats van honderden miljoenen. Het was een tijd waarin de meeste gebruikers jong, mannelijk en technologisch geïnformeerd waren. De kleinschaligheid van de gemeenschap en de intensiteit van de verbindingen tussen de deelnemers, creëerde een omgeving waarin je werd aangemoedigd om je verantwoordelijk te gedragen teneinde je persoonlijke reputatie te beschermen. Men wist nog ongeveer wie wie was en wie je kon vertrouwen.

Met de opkomst van het WWW in het begin van de jaren negentig nam het internet afscheid van het stadium van het globale dorp. De software die voor deze omgeving werd gebouwd ging uit van drie vooronderstellingen over groepen: zij konden elke omvang aannemen; iedereen moest er lid van kunnen worden; en de vrijheid van het individu is belangrijker dan de doelen van de gemeenschap.

We leven nu in een nieuw tijdperk. Het virtuele netwerk lijkt nu veeleer een globale metropool, zeer uitgebreid en uiterst heterogeen. In deze nieuwe omgeving hebben groepen behoefte aan bescherming tegen te snelle groei en tegen gijzeling door conversaties die buiten de orde zijn, die gedomineerd worden door commerciële belangen of die vertroebeld worden door spam. De gemeenschappen die in deze metropolitische omgeving opereren voldoen niet meer aan de eerdere vooronderstellingen. Clay Shirky [2003a] heeft dit uitstekend verwoord:

Dit gebeurde onder andere met een aantal Usenet groepen en veel openbare chatrooms.

Het grote voordeel van de nieuwste generatie sociale software is dat individuen zelf de grenzen van de eigen groep kunnen bepalen, en dus ook de grenzen van de kring waarin men met naam, persoonsgegevens en interesses bekend staat. Ook in het online leven is het van belang dat individuen hun eigen sociale relaties kunnen controleren.

Sociale netwerksites ontwikkelen zich steeds duidelijker als een virtuele ruimte waarin de groei van gemeenschappen gecontroleerd kan worden door het stellen van niet-triviale voorwaarden voor het lidmaatschap. Hierdoor is het tevens mogelijk om gemeenschappelijke normen te ontwikkelen die binnen zo'n gemeenschap daadwerkelijk kunnen worden afgedwongen. Deze institutionalisering van wederzijdse gedragsverwachtingen leidt tot een serie groepsspecifieke verplichtingen die meestal meervoudig gemotiveerd zijn. De verplichting tot respect is primair traditioneel gemotiveerd, de verplichting tot vriendschap is primair emotioneel gemotiveerd, de verplichting tot solidariteit is primair normatief gemotiveerd, en de verplichting tot wederzijdse ondersteuning is primair strategisch gemotiveerd.

De meest succesvolle gemeenschappen hebben een systeem om toezicht te houden op het gedrag van leden en bij normafwijkend of asociaal gedrag te sanctioneren. Dit toezicht en deze sociale controle worden meestal uitgeoefend door de gemeenschapsleden zelf, en niet door een externe autoriteit. Succesvolle gemeenschappen maken gebruik van een gedifferentieerd systeem van sancties: lichte sancties voor eerste overtredingen die escaleren wanneer de betreffende persoon de gemeenschapsregels blijft doorbreken ('community stalkers'). Omdat ook in virtuele gemeenschappen conflicten onvermijdelijk zijn, is er een mechanisme nodig voor conflictregeling [Ostrom 1990; Kollock 1996]. Sterke gemeenschappen zijn in staat om hun eigen controverses op te lossen.

Om de gedachten te bepalen kunnen hierbij twee extreme visies tegenover elkaar worden gezet.

Virtuele gemeenschappen moeten de diversiteit van de belangen en verlangens van de afzonderlijke leden transformeren in een discursief en normatief kader waarbinnen recht gedaan wordt aan deze verscheidenheid. Dat kan alleen wanneer zo'n gemeenschap in staat is om de daaruit voortvloeiende conflicten op een constructieve wijze te regelen, en wel zodanig dat er ruimte is voor afwijkende meningen. Het is geen teken van zwakte als er in virtuele gemeenschappen gepassioneerd gestreden wordt om de juiste visie, het betere argument, de veralgemeenbaarheid van de ervaringen en de betrouwbaarheid van de aangevoerde feiten. De meest succesvolle gemeenschappen hebben —vaak met vallen en opstaan— geleerd hoe zij op een elegante en constructieve wijze met hun interne tegenstrijdigheden en conflicten kunnen omgaan.

In netwerksystemen waar geen harde barrières bestaan tegen commercialisering, pervertering en banalisering wordt de vertrouwensbasis van vriendenkringen ondergraven door lieden die monetair gewin proberen te slaan uit zichzelf organiserende vriendenkringen.

Selectieve associatie en beheer van sociale relaties
Sociale software is een algemeen systeem voor het beheren van netwerken van sociale relaties en kan het op zeer uiteenlopende manieren en voor diverse doeleinden worden gebruikt. De meeste gebruikers beginnen te zoeken naar mensen die zij al kennen of in het verleden gekend hebben. Zij hechten betekenis aan het hervatten van relaties met verloren vrienden (ook al wordt dat niet altijd op prijs gesteld). Door dit zoeken naar oude en actuele vrienden wordt het persoonlijke online netwerk opgebouwd.

Geen allemansvriend
In volledig aselectieve sociale netwerken geldt het principe van het allemansvriendje. Iedereen kan zonder uitnodiging of voorwaarden deelnemen aan het netwerk en aan de virtuele gemeenschappen of interesse- of vriendengroepen die zich daarbinnen vormen. Simpel gezegd: zodra X en Y in de eerste of tweede of n-de graad aan elkaar verbonden zijn, is elk contact dat X opvoert in je profiel ook door Y direct benaderbaar (en omgekeerd). Hierdoor verliest de individuele gebruiker de greep op zijn grenscontrole: gebruikers kunnen niet meer aangeven dat zij niet door 'willekeurige derden' benaderd willen worden. Op die manier dreigt men een 'allemans vriend' te worden die door allerlei vrienden-van-vrienden-van-vrienden-van-etcetera in beslag genomen wordt. De meeste gebruikers hebben daar eenvoudig geen tijd voor, en willen dat ook niet omdat dit ten koste gaat van mensen die hen op dat moment wel 'aan het hart' gaan. Terwijl de technologie het mogelijk maakt om lange afstanden te overbruggen, kan het ook tot gevolg hebben dat het ons verwijderd van de mensen die het dichtst bij ons staan.
In de meeste sociale netwerken kunnen individuele gebruikers zelf bepalen hoever zij hun online vrienden- en kennissenkringen willen uitbreiden. Iedereen heeft het recht om zich selectief te associëren. Er is geen verplichting om zich 'met iedereen' te associëren en te socialiseren. We proberen allemaal een balans te vinden tussen het cultiveren van betekenisvolle relaties die we al hebben, en het verkennen van potentieel nieuwe relaties.

Sommige groepen organiseren zichzelf als exclusieve 'elite' clubs om wekelijks in een virtuele kroeg bijeen te komen. Zij participeren voor deze exclusieve gezelligheid. Andere groepen organiseren zichzelf om hun contacten met andere netwerken te verbinden.

De meeste deelnemers gebruiken de online sociale netwerken voor hun plezier, uit nieuwsgierigheid en om met hun vrienden te communiceren, om zich te socialiseren met onbekenden die dezelfde interesse of hobby hebben, of om afspraakjes te maken met potentiële partners of met 'intieme vrienden voor een nacht' (hookups, one-night-stands). Voor het identificeren en selecteren van potentiële partners wordt net als in het lokale leven gebruik gemaakt van de kracht van het 'vriendenoordeel'. Via-via kan veel relatief betrouwbare informatie worden ingewonnen over de kwaliteiten van potentiële partners voor het leven, iets korter of voor een nacht.

In virtuele sociale netwerken kunnen mensen hun relaties verrijken door te communiceren met mensen die men op straat of in de krant regelmatig tegen komt maar waar men nooit persoonlijk contact mee heeft gehad.

Neppers met fictieve identiteiten
In sommige sociale netwerken is het mogelijk om een of meer fictieve identiteiten aan te nemen. Gebruikers kunnen dan opzettelijk manipuleren met hun profiel. Zij construeren volledig fictieve persoonlijkheden (personae) die in de vervrouwelijkte vorm ook wel worden aangeduid als fakesters, fraudsters of pretendsters. Het zijn nep-identiteiten die in het meest gunstigste geval een beeld geven over wie iemand wil of pretendeert te zijn of hoe hij/zij wil worden erkend.

Nep-identiteiten kunnen verschillende vormen aannemen. Sommigen kiezen een vaak abstract cultureel karakter die iedereen kent: God, zout, Homer Simpson, George W. Bush, LSD, Frans Bauer. Anderen kiezen meer specifieke gemeenschapskarakters: Black Lesbians, San Francisco, Mannen-die-van-lesbo's-houden. Of men kiest voor uiterst flexibele karakters ('passing characters') die bedoeld zijn om iedereen te misleiden.

Er zijn neppers die uit wrok of waan proberen om een sociaal netwerk in verwarring te brengen. Als individuen valse of meerdere identiteiten kunnen aannemen, weten gebruikers niet meer of zij met hun vriend praten of met een vervalste kopie. Zo'n 'virtuele dubbelganger' wordt vaak misbruikt om voormalige geliefden of mensen die men niet mag in een kwaad daglicht te stellen. De virtuele identiteit van een persoon wordt gestolen om de persoon zelf te beschadigen.

Anonimiteit en Pseudonimiteit
In groepsverband is duidelijk dat anonimiteit niet goed werkt: de minimale vereiste om met elkaar te converseren is dat men weet 'wie wanneer wat zei'. Ook pseudonimiteit werkt meestal niet goed: wat iemand nu tegen mij zegt moet ik kunnen verbinden met eerdere conversaties. Wie een valse identiteit aanneemt of steelt, moet er rekening mee houden dat dit vroeger of later binnen een gemeenschap wordt ontdekt. Wanneer een gemeenschap ontdekt dat een lid zich toch een fictieve identiteit heeft aangemeten, wordt dit in de regel opgevat als een bruskering van wederzijdse gedragsverwachtingen.
Neppers beschadigen het sociale netwerk en doen afbreuk aan het vertrouwen in verbindingen tussen mensen op het systeem. De waarde van sociale netwerken is gelegen in de betrouwbaarheid van de verbindingen (trusted links). 'Als je mekaar niet meer vertrouwen kan, waar blijf je dan...' (Eli Asser). Sommige systemen zij zo ingericht dat het niet mogelijk is om meerdere identiteiten aan te nemen en dat er controlemechanisme zijn voorkomen dat mensen onder fictieve identiteiten participeren, of dat zij identiteiten anderen individuen stelen.

Toch zijn er veel mensen die houden van nepkarakters. Zij beschouwen het als het 'zout in de netwerkpap'. De meest creatieve identiteitszwendelaars worden vaak gelezen en gevolgd [Boyd 2004:4]. Toen Friendster begon de nepprofielen te vernietigen, kwamen haar gebruikers in opstand juist omdat zij belang hechten aan creatieve expressie en het nut van gemeenschapskarakters. Onder de naam 'Fakester Revolution' keerden zij zich tegen de 'Fakester Genocide' en creëerden nog meer nieuwe nepkarakters. In veel sociale netwerken weet je dat er een aantal neppers bijzitten, maar zij fungeren vaak als vrolijke noot in een overigens serieuze discussiegemeenschap van gelijkgezinden of gelijkgeïnteresserden.

Voor sociale netwerken geldt hetzelfde als voor huizen: zij zijn zo rubuust als hun fundamenten. Het fundament van sociale netwerken is vertrouwen: het vertrouwen dat 'echte' vrienden in elkaar hebben. Deze vertrouwensbasis wordt ondergraven wanneer mensen anoniem of met meerdere of valse identiteiten kunnen participeren in het sociale netwerk. Of, zoals Orkut-lid Russel het uitdrukte: "Het toestaan van anonieme berichten op een overdraagbaar netwerk van kennissen zoals Orkut is een programmeerfout en geen speciale functie".

Het gewicht van vriendschap
In het algemeen wordt er van uitgegaan dat gebruikers van sociale software een authentiek beeld geven van hun identiteit. Omdat zij op zoek zijn naar waardevolle contacten zouden zij hun profiel naar eer en geweten invullen. Dat is echter lang niet altijd het geval. De publiek gearticuleerde identiteiten en sociale netwerken zijn daarom ook niet identiek aan de particuliere articulatie die door sociale wetenschappers worden onderzocht [Boyd 2004:2].

Vrienden in soorten en maten
Vriendschap is een woord dat veel soorten relaties kan dekken. In de eerste versies van sociale software kon men een relatie met een andere gebruiker alleen maar kwalificeren als vriend of niet-vriend. Het was niet mogelijk om een gewicht of waarde aan zo'n vriendschapsrelatie toe te kennen. Bij Orkut is het nu mogelijk een differentiatie aan te brengen tussen 'best friend', 'good friend', 'friend', 'acquaintance' en 'haven't met'. Sommige gebruikers pleiten ervoor dat gebruikers zelf hun connecties mogen definiëren of minstens commentariëren.
  Om de voorkomen dat mensen zomaar iemand anders tot vriend bombarderen, zou elke vriendschap wederzijds geautoriseerd moeten worden. Elke afzonderlijke vriendschapsverbinding zou ook door de andere kant goedgekeurd moeten worden (en op elk moment daarna verbroken kunnen worden). Deze wederzijds autorisatie is een belangrijke hoeksteen van een netwerk van vertrouwen.
In veel sociale netwerken zijn de relatie-indicatoren teruggebracht tot een binaire eenvoud: vriend of niet. Wie door het netwerk reist, kan niet vaststellen welke rol of gewicht een vriendschapsrelatie heeft. Sommige deelnemers hanteren een restrictieve definitie van vriendschap. Terwijl anderen iedereen die zij kennen en waaraan zij geen hekel hebben een 'vriend' noemen. Gebruikers hanteren soms bewust een rekkelijke of 'katholieke' definitie van vriendschap, omdat zij hiermee een groter deel van het netwerk te zien krijgen. Het gewicht van een vriendschap wordt hierdoor gedevalueerd. Een Friend(ster) is dus nog geen 'echte' vriend.

De vraag is echter of een online vriend met dezelfde standaard gemeten moet worden als een offline vriend. In de praktijk maken veel internetters al langer een duidelijk onderscheid tussen hun virtuele en lokale boezemvrienden, vrienden, kennissen, en mensen die zij graag zouden ontmoeten.

Zelfpresentatie in profielen
Het profiel van een vriendenkring bestaat meestal uit vijf primaire elementen: (1) demografische informatie over leeftijd, sekse, nationaliteit, beroep, en relationele status, (2) persoonlijke voorkeuren en interesses, (3) foto's of videobeelden, (4) vriendenlijst, en (5) getuigschriften. Omdat deze informatie zowel wordt gegeven vanuit het perspectief van het individu als van zijn vrienden is de informatie nuttig. Toch geven deze profielen een nogal grove representatie van het individu. De profielen geven niet alleen een beperkt, maar vaak vertekend beeld.

Wat ontbreekt is de contekst van wat iemand presenteert. Iemand stelt een profiel van zichzelf op voor een potentiële date, maar moet tegelijkertijd men rekening houden met alle vrienden, collega's en andere relaties die de site zouden kunnen bezoeken. Deelnemers zelf zijn zich hiervan kennelijk heel bewust, en modereren hierdoor hun profiel. Wanneer mensen zichzelf moeten presenteren voor diverse soorten relaties dan wordt vaak een sociaal aanvaardbaar beeld geschetst, waarin juist die eigenzinnige kenmerken verdwijnen die voor een potentiële partner interessant zijn. Wie ik ben (of wil zijn) voor jou, is vaak iets heel anders dan ik wil zijn voor een ander 'publiek'.

Het profiel laat zien hoe iemand op dat moment zijn identiteit wil representeren met het oog op een bepaald publiek. Wie zijn profiel schetst voor een potentiële date, houdt ook rekening met alle vrienden, collega's en andere relaties die in het hetzelfde netwerk opereren. De meeste gebruikers zijn bang dat hun baas of moeder hun profiel tegenkomt. Leraren vrezen de nieuwsgierigheid van hun studenten. Gebruikers zijn zich ervan bewust dat zij verschillende informatie geven afhankelijk van het publiek. Bij het opstellen van een profiel moeten gebruikers een evenwicht vinden tussen de publieke en particuliere dimensie. Individuen bepalen zelf welke persoonlijke informatie zij in het netwerk beschikbaar stellen. Het profiel kan gedetailleerd en vrijpostig worden opgesteld, maar de meeste mensen zijn wat terughoudender.

Steeds meer wordt erkend dat mensen er vaak meer dan een elektronische identiteit op nahouden (zoals werk, familie, vriendenkring en intimi). De menselijke identiteit is meervoudig en ambigu. De sociale sofware moet zo worden ontworpen dat gebruikers in staat zijn om meerdere identiteiten en corresponderende communicatiestromingen te integreren in een enkel beheersbaar profiel met variabele niveaus van privacy bescherming. De interface van Orkut maakt dit al tot op zekere hoogte mogelijk. De persoonlijke, professionele en sociale profielinformatie kunnen voor iedereen zichtbaar worden gemaakt, maar dit kan ook beperkt worden tot jezelf, je vrienden, of je vrienden-van-vrienden. Dit zou voor alle velden moeten gelden. Alle veiligheidsparameters zouden standaard op 'only to myself' gezet moeten worden. De gebruiker kan deze velden dan zelf selectief openen.

    Verbeteringsvoorstellen
    Binnen de Orkut gemeenschappen worden met de regelmaat van de klok verbeteringsvoorstellen gedaan en besproken. Hier volgt een niet geheel willekeurige selectie.
  • Versterken van vertrouwensbasis: naar een onverbonden lid mogen alleen berichten worden verstuurd via een keten van verbonden leden. Met andere woorden, als ik X wil bereiken dan moet ik mijn bericht of verzoek via iemand die ik al ken versturen, en deze vragen het bericht door te sturen naar iemand die zij kennen die X kent. Elk persoon in de keten heeft de optie om het door te sturen —of niet door te sturen— waardoor de oorspronkelijke schrijver wordt gestimuleerd om zijn verzoeken gericht te maken en te prioriteren.
  • Overzicht van berichten per persoon: wanneer je iemand checkt, krijg je lijst van alle berichten die door die persoon in gemeenschappen zijn geplaatst. Voorwaarde is dat individuen zelf kunnen kiezen of zij andere mensen toestaan het overzicht van hun berichten te zien. Op die manier worden zowel privacy als nieuwsgierigheid gediend.
  • Categorisering van leden van gemeenschappen: bijvoorbeeld een differentiatie naar de tijd die iemand is ingelogd, het aantal geplaatste berichten, en het gemiddelde aantal geplaatste berichten. Zo kan ook een onderscheid worden gemaakt tussen degenen die de berichten lezen en degenen die wel lid zijn geworden van een gemeenschap maar niet de berichten lezen die er geplaatst worden.
  • Grafische visualisering van friend/fan/community relaties of van intersecties tussen gemeenschappen. Op die manier krijgen gebruikers antwoord op vragen zoals: wie is lid van de [mijn stad] gemeenschap die ook lid is van de [mijn interesse] gemeenschap? Wie is lid van dezelfde [mijn interesse] gemeenschap die niet meer dan 5 km van [mijn postcode] woont? Wie van mijn vrienden delen gemeenschappen met mij? Of combinaties van deze vragen.

Signaal van sociale armoede?
De snelle opkomst van sociale software als Friendster and Orkut wordt door sommigen beschreven als een hype zonder inhoud ('een internetgolfje dat even alle aandacht trekt'), als teken van sociale armoede, en als een gigantische tijdverspiller. Anderen zijn ervan overtuigd dat de toekomst van het sociale netwerken zich op het internet voltrekt. Daartussen staan veel nuchtere mensen die het online sociaal netwerken als een zinvol experiment beschouwen.

Mensen gebruiken het internet om hun sociale of zakelijke netwerken te versterken en te verrijken. Het is allemaal gebaseerd op het principe dat het niet je sterke persoonlijke contacten zijn die je bij die gewenste informatie, baan of dat contract brengen, maar dat het die zwakke contacten zijn, de tweede en derde graadsverbindingen die de truc doen. Wie zo'n verrijking van sociale netwerken afdoet als sociale armoede miskent de betekenis die netwerken van virtuele sociale relaties voor mensen kunnen hebben.

Sociale software maakt een merkwaardige combinatie mogelijk: het is de publieke tentoonstelling van particuliere relaties teneinde nieuwe private interacties mogelijk te maken. Wanneer gebruikers participeren in een publiek/privaat netwerk treden zij in de spanningsverhouding tussen diverse en tegenstrijdige verwachtingen, waarden en ervaringen.

Sociale programma's zijn altijd kwetsbaar voor de creatieve energie van hun gebruikers. "Terwijl zij probeerde om mensen te helpen verbindingen met elkaar aan te gaan, heeft Friendster een wespennest rond gearticuleerde publieke identiteit blootgelegd, een nieuwe vorm gegeven aan de manier waarop groepen mensen verbaal relaties identificeren, en het belang van creatief spel in sociale interactie hard gemaakt" [Boyd 2004:4].

Er zijn zelfs critici die het hele sociaal-netwerk gebeuren slechts als een spel beschouwen:

De vooronderstelling van deze redenatie is dat er in virtuele netwerken geen betekenisvolle sociale contacten kunnen ontstaan. Zodra mensen hun virtuele netwerken echter als iets werkelijks definiëren, zijn zij ook werkelijk in hun gevolgen (een variant van het bekende Thomas-theorema). De contacten die in de virtuele wereld van het internet worden opgebouwd en onderhouden kunnen voor de deelnemers zelf dus wel degelijk betekenisvol zijn. Dat deze online netwerken ook ruimte bieden voor spel en vermaak is niets nieuws — het gebeurde al langer in lokale of traditionele sociale netwerken.

Kritische massa en uitwisselbaarheid
De wet van Metcalfe
Als een technologie eenmaal haar kritische massa heeft bereikt, neemt haar waarde exponentieel toe. "De waarde van een communicatiesysteem groeit als het kwadraat van het aantal gebruikers van het systeem (N2)" [Robert Metcalfe]. Het nut van een sociaal netwerk is dus gelijk aan het kwadraat van het aantal gebruikers. Hoe meer mensen gebruik maken van een netwerk deste waardevoller wordt het. Dat is de magie van het onderling verbonden zijn. Dit staat recht tegenover traditionele modellen van vraag en aanbod, waar een toename van de kwantiteit van iets zijn waarde verminderd.
    Omdat een computer niet met zichzelf verbonden kan worden zou de formule iets moeten worden aangepast: N(N-1), of N2-N.
De wet van de balkanisering
Men kan de wet van Metcalfe ook omkeren om te verklaren wat het effect is van het opsplitsen van een netwerk. De waarde van het opsplitsen van een netwerk in N geïsoleerde componenten is 1/N van de waarde van het originele netwerk. Elk van de nieuwe componenten heeft een omvang van 1/N van de omvang van het originele netwerk. Dus is haar waarde 1(N2) van de originele waarde. Tegelijkertijd zijn er N van deze nieuwe mini-netwerken, waardoor de totale waarde is N * 1/(N2) = 1/N
Het bereiken van een kritische massa is waarschijnlijk de grootste barrière voor het nut van sociaal netwerken: alleen wanneer er voldoende mensen deelnemen aan het netwerk kunnen mensen elkaar vinden. Het gaat erom het fenomeen van het lege restaurant te vermijden: niemand gaat in een leeg restaurant eten, maar (bijna) altijd in een vol restaurant dat daarnaast ligt, zelfs al is de kwaliteit en dienstverlening daar veel minder. Zonder relatief grote aantallen deelnemers, vind er geen socialisatie plaats. Dat is vooral lastig omdat er tussen de huidige sociale netwerken geen uitwisseling van profielen of berichten mogelijk is.

De waarde van een sociaal netwerk neemt exponentieel toe met het aantal deelnemers. Maar dit betekent ook dat het exponentieel zal dalen wanneer er meerdere netwerken zijn die niet in staat zijn om betekenisvolle informatie uit te wisselen, hun geaccumuleerde kennis te delen, of verbindingen aan te gaan met andere gemeenschappen die rond dezelfde onderwerpen zijn georganiseerd. De sociale netwerken bestaan als van elkaar gescheiden, geïsoleerde eilanden van conversatie. De balkanisering van sociale netwerken vormt dus een cruciale rem op de productieve ontwikkeling van die netwerken.

Net als in de wereld van instant messaging heeft het gebrek aan uitwisselbaarheid tussen sociale netwerken geleid tot een gefragmenteerde en niet-uniforme markt voor de exploitatie (en conservering) van sociaal kapitaal. De sociale netwerken kunnen geen gegevens delen of uitwisselen en staan geen identiteitsmigraties toe. Het kost gewoon te veel tijd om je contacten in alle sociale netwerken in te voeren. Actieve participatie in meerdere netwerken tegelijkertijd vereist te veel aandacht en energie.

Inmiddels worden er serieuze pogingen gedaan om sociale netwerken uitwisselbaar te maken. Er worden XML-applicaties ontwikkeld die gebaseerd is op een speciale standaard voor sociale software: FOAF-XML (een acroniem van 'Friend-of-a-Friend'). Zolang er geen gemeenschappelijk standaard is voor sociale netwerken blijven het 'ommuurde kastelen'. De veelgeroemde openheid van het internet staat op de tocht. Door privatisering van de infrastructuur dreigt het internet te worden verscheurd in discrete, ommuurde domeinen waar bij de grenzen geld gevraagd wordt. We hebben een internet nodig met meer bruggen en minder muren, waar het individu zich gemakkelijk tussen gemeenschappen kan bewegen.

Convergentie van weblog, instant messaging en sociaal netwerken
Er zijn minstens drie technologieën die op het punt staan om met elkaar te fuseren. Ten eerste de technologie van 'content syndication' die gebruikt wordt voor de weblogs. Ten tweede de technologie voor synchrone communicatie die gebruikt wordt voor Instant Messaging. En ten derde de technologie van sociaal netwerken zoals deze wordt gebruikt door sites als Friendster en Orkut. De fusie tussen deze technologieën zal een nieuw type internet doen ontstaan. Stephan Downes noemt dit het Semantic Social Network (SSN), anderen noemen het nuchter 'Yet Another Social Network' (YASN).

Weblogs maken gebruik van het RSS protocol (Really Simple Syndication, ook wel Rich Site Summary). Dat is een formaat voor metadata dat gebruikt wordt om online informatie te beschrijven. Een RSS bestand —ook wel bekend als een 'feed'— is een XML-bestand dat de inhoud van een website samenvat. Het RSS-bestand bestaat uit twee onderdelen: een 'channel' element, dat de website als een geheel beschrijft, en een serie thema's die individuele bronnen beschrijven. Er bestaan diverse soorten RSS formaten, maar die zijn meestal uitwisselbaar. Het doet er eigenlijk niet toe welk soort RSS je gebruikt. Een RSS-bestandslezer kan meerdere bronnen ('feeds') verzamelen en aggregeren. Aanvankelijk was het alleen maar mogelijk om een feed tegelijkertijd te lezen, maar nieuwe diensten combineren lijsten van items van diverse feeds, en scheppen op deze manier thematische of geografische feeds.

Bloggers ontdekten dat hun medium zelf ook mogelijkheden biedt voor sociaal netwerken. Via de 'blogroll' krijgt men zicht op de blogs die door de auteur van een blog regelmatig worden gelezen. Om de binding tussen bloggers te versterken werd een 'trackback' URL ingebouwd in het RSS-bestand. Daarmee kunnen weblogs elkaar attenderen dat er een bron wordt geciteerd. Om de samenhang van de gemeenschap expliciet te maken wordt gebruik gemaakt van technieken zoals 'blogchalking'. Weblogs die begonnen als hoogst persoonlijke dagboeken van individuen die iets te melden haddden, zijn uitgegroeid tot onderling steeds sterker verweven en gestratificeerde netwerken van creatieve sociale en intellectuele uitwisseling. Dit wordt ook wel de 'blogosfeer' genoemd.

Weblogs dragen bij tot wederzijdse aandacht en dus tot socialisatie. Als iemand een keer naar jouw weblog linkt, dan krijg je hem of haar bijna zeker op je radar. Relaties tussen individuele bloggers beginnen daarom steeds meer de vorm aan te nemen van zichzelf organiserende netwerken. Deze wederzijdse aandacht schept iets waarvoor nog geen goede naam of definitie bestaat: een netwerk van bekende vreemden ('familiar strangers') die op een bepaalde manier met elkaar interacteren.

Een praktisch voorbeeld van de integratie van weblogs en social software is Gruuve. Wat daaraan nog ontbreekt is de integratie met de presence-technologie die ten grondslag ligt aan het synchrone communicatiemodel van Instant Messaging (IM). Hierdoor worden leden van vriendenkringen die gelijktijdig online zijn in staat gesteld om direct met elkaar te communiceren (zoals nu al mogelijk is met ICQ Universe). De MSN Messenger is slechts een paar stappen verwijderd van een sociaal netwerk. Je hebt al je 'buddies' bij elkaar en jouw buddies weten wie hun buddies zijn. De uitdaging is om een IM-systeem volledig te integreven in een sociaal netwerk.

Sociale netwerken op peer-to-peer basis
Sociale software staat nog in de kinderschoenen maar raast met reuzenstappen naar volwassenheid. We hebben gezien dat het huidige aanbod van sociale software nog een aantal serieuze sociaal-communicatieve beperkingen vertoont. Diverse onderzoekers —Steve Boyd, Leonard Lin— hebben erop gewezen dat er nog andere barrière is voor een produktieve toepassing van sociale netwerksystemen. Het zijn 'standalone' systemen die gescheiden zijn van de informatietechnologieën die particuliere en zakelijke internetters gebruiken om hun persoonlijke/zakelijke relaties of relatiegebonden informatie te beheren.

Sociale software kan in twee verschillende formaten toegankelijk worden gemaakt. Ten eerste als een webdienst die toegankelijk is via een webbrowser op een PC, PDA of internet-fähige telefoon. Profiel, identiteit, relaties en gerelateerde content worden opgeslagen op een gehoste versie van de software, en kan versleuteld worden om de privacy van de gebruikers te beschermen. Ten tweede via client software die draait op een pc die lokale opslag van profiel en netwerkdefinities mogelijk maakt, met verbeterde interface, autonoom zoeken en P2P-vermogens.

Hoe zou sociale software idealiter moeten werken? Sociale software moet schaalbaar zijn, consistentie behouden, flexibiliteit bieden, en fragmentatie van de gebruikersbasis voorkomen. De architectuur van sociale software zou volledig gecentreerd moet zijn op de individuele gebruiker. Dit staat tegenover de gecentraliseerde client-server architectuur van de huidige sociale software: de profielen van alle gebruikers worden opgeslagen in één grote databank. Met deze architectuur zijn sociale netwerken niet in staat om op te schalen met het toenemend aantal gebruikers. Zij zijn niet gebaseerd op open protocollen en de gebruikers worden gefragmenteerd tussen elkaar beconcurrerende service providers. Gebruikers moeten van diverse diensten gebruik maken om de functionaliteiten ('features') te krijgen die zij willen. Maar er bestaat voor hen geen gemakkelijk manier om hun informatie op elk van deze diensten consistent te houden.

Wat we nodig hebben is een fusie tussen sociale software en p2p-software: een gedistribueerd model van sociale software dat op de gebruiker is gecentreerd [de beperktere fusie tussen 'groupware' + 'p2p-ware' = 'peerware' is elders beschreven]. Sociale software is een samenstel van technologiën welke gemedieerde communicatie, samenwerking en andere menselijke interacties mogelijk maakt. Geavanceerde sociale software is opgebouwd uit vijf elementen: identiteit, aanwezigheid, relaties, conversaties en groepen [Leonard Lin]. We hoeven niet ongeduldig te wachten tot er nog betere netwerk-technologieën beschikbaar komen waarin deze elementen zijn geïntegreerd. We kunnen alvast 'oefenen' met de sociale software die ons nu ter beschikking staat.

Love at first SocioSite

Index Referenties

  1. Adamic, Lada / Adar, Eytan [2001]
    Friends and Neighbors on the Web

  2. Adamic, Lada A. / Buyukkokten, Orkut / Adar, Eyean [2003]
    A social network caught on the Web
    In: FirstMonday 8(6). June 2003.

  3. Adamic, Lada / Hogg, Tad [2004]
    Enhancing Reputation Mechanisms via Online Social Networks

  4. Allen, Christopher [2004]
    My Advice to Social Networking Services
    3 februari 2004.

  5. Allen, Christopher [2004b]
    Tracing the evolution of social software
    13 oktober 2004.

  6. Allen, G.A. [1979]
    A sociology of friendship and kinship.
    London: George Allen & Unwin.

  7. Axelrod, Rober [1984]
    The Evolution of Cooperation.
    Mew York: Basic Books.
    Axelrod analyseert de essentiële voorwaarden voor coöperatie: (i) laat individuen elkaar nog eens of regelmatig ontmoeten; (ii) stel hen in staat om elkaar te herkennen; en (iii) zorg ervoor dat zij informatie krijgen over hoe de ander zich tot nu toe heeft gedragen.

  8. Boissevain, J.P. [1974]
    Friends of Friends.
    Oxford: Blackwell.

  9. Boyd, Danah Michele [2004]
    Friendster and Publicly Articulated Social Networking
    Conference on Human Factors and Computing Systems (CHI 2004). Vienna: ACM, April 24-29, 2004.

  10. Boyd, Stowe [2003a]
    Are You Ready for Social Software?
    In: Read Darwin, May 2003.

  11. Boyd, Stowe [2003b]
    The Promise and Pitfalls of Social Networking
    In: Read Darwin, November 2003.

  12. Blood, Rebecca [2004]
    Thirteen Ways To Save Orkut

  13. Buunk, Bram [1993]
    Vriendschap. Een studie over de andere persoonlijke relatie.
    Amsterdam: Bert Bakker.

  14. Burt, Ronald S. [1992]
    The Social Structure of Competition.
    In: Nitin Nohria & Robert G. Eccles (eds.) [1992] Networks and Organizations. Boston: Harvard Business School Press, pp. 57-91.

  15. Cavanagh, Allison [2002]
    Beheviour in Public? - Ethics in Online Ethnography

  16. Chiang, Yen-Sheng [2004]
    Collective Action Games Embedded in Social Networks

  17. Coleman, James S. [1990]
    Foundations of Social Theory. Cambridge, Mass.: Harvard University Press.

  18. Cross, Rob
    Introduction to Organizational Network Analysis

  19. Cross, Rob / Parker, Adrew [2004]
    The Hidden Power of Social Networks: Understanding How Work Really Gets Done in Organizations.
    Harvard Business School Press, June 2004,